De laatste etappe leidt van Hanzestad Deventer door de Hanzesteden Elburg en Harderwijk om dan aan het einde naar het oosten af te buigen richting de eindbestemming in Drie.
Tussen Beltrum en Deventer kom je in etappe 5 heel wat moois tegen. Het is nog steeds genieten van het afwisselende landschap en plaatsen als Borculo, Lochem en natuurlijk Deventer zorgen voor de nodige afstapmomenten.
In etappe 4 bereik je het meest oostelijke puntje van de route en heb je nog net niet je paspoort nodig. De route loopt door Winterswijk en Groenlo. Vooral Groenlo is het afstappen waard.
Met de derde etappe duiken we duidelijk de Achterhoek in. Het landschap is nu duidelijk meer agrarisch en de koffiestops komen wat minder frequent. Na alle bossen van de Veluwe is dit landschap wel weer een mooie afwisseling. In Doetinchem kun je rustig bijkomen in wielercafe ‘Parijs is nog ver’.
De tweede etappe strekt zich voor het grootste deel uit over de Veluwe om aan het eind de IJssel over te steken naar de prachtige stadjes Bronkhorst en Doesburg.
En je komt noga wat tegen onderweg. En dan bedoel ik niet alleen de nodige Horeca. Kastelen, musea, monumenten, oorlogsgraven, bierbrouwerijen, uitzichtpunten en een complete dierentuin.
Om niet voor een onaangename verrassing komen te staan vermeld ik maar even dat de etappe over de Posbank loopt. Tandje terug en rustig aan, in de wetenschap dat er aan het einde van de etappe goed bier wacht.
Een wambuis is een kledingstuk dat niet bij veel mensen in de kast zal hangen. Het is een historisch, vaak gewatteerd mannenbovenkleed uit de middeleeuwen tot de 17e eeuw, gedragen tussen de hals en het middel (soms tot op de heupen).
Een planken wambuis zou kunnen refereren aan een eenvoudige hut. Niet veel groter dan een wambuis, maar dan van hout. Met dat idee zou het ook kunnen verwijzen naar een doodskist. Toch is het waarschijnlijker dat het verwijst naar een houten hut waar later een herberg is verrezen. De herberg kwam op de plek van ‘de planken wambuis’ en ging in ieder geval in de volksmond dus zo heten.
Restaurant Planken Wambuis
Het huidige restaurant Planken Wambuis is in 1926 gebouwd op de plek van de oude herberg. Het gebied eromheen heette oorspronkelijk Reemsterveld, maar is in de loop van de tijd de naam van de herberg gaan dragen. Planken Wambuis is een prachtig natuurgebied op de Veluwe.
Erebegraafplaats Oosterbeek
Anders dan de Amerikanen, die er de voorkeur aan gaven al hun gesneuvelden zoveel mogelijk op een centrale begraafplaats bijeen te brengen, huldigden de Britten de opvatting, dat de gevallenen een laatste rustplaats moesten krijgen die dichtbij de plaats lag waar zij sneuvelden. Dit verschil in opvatting verklaart waarom ons land slechts één Amerikaans militair ereveld telt en meerdere Britse, terwijl ook nog een groot aantal militairen – met name vliegtuigbemanningen – uit het British Empire op burgerbegraafplaatsen door het gehele land liggen. Dat er in de omgeving van Arnhem – Oosterbeek een Britse militaire begraafplaats zou komen, lag gezien de aanmerkelijke verliezen die daar in september 1944 en in april 1945 werden geleden, wel voor de hand.
Bronkhorst
De naam Bronckhorst was vroeger een begrip dat de samenging met strijd en onlust. In de 14e eeuw stonden de Bronckhorsten tegenover de Heeckerens in de Gelderse burgeroorlog. Beide partijen werden gesteund door een wisselend verbond van edelen en steden. Deze oorlog betrof niet alleen de adel maar werd ook ingegeven door sociale spanningen. Het was de tijd van veranderende krachtsverhoudingen tussen adel, kerk en burgerij. Ook elders in Nederland waren soortgelijke twisten. Dit leidde aan het eind van de 14e eeuw tot grotere invloed van de steden die een bemiddelende rol hadden gespeeld bij de twisten; in deze regio de Gelderse kwartierhoofdstad Zutphen. Bij de herindeling van de gemeenten ten tijde van Keizer Napoleon werd Bronckhorst onder bestuur van Steenderen gesteld. De stad werd in 1813 door Willen I weer zelfstandig gemaakt, maar in 1817 opnieuw herenigd met Steenderen. Anno 2005 telt Bronckhorst ca 155 inwoners, waarmee het de kleinste stad van Nederland is. De stad Bronkhorst valt vanaf 1 januari 2005 onder de gemeente Bronckhorst. Deze gemeente is ontstaan door het samenvoegen van de volgende gemeenten: Hengelo, Hummelo & Keppel, Steenderen, Vorden en Zelhelm. De gemeente telt ongeveer 38.000 inwoners, heeft een oppervlakte van ca 30.000 hectare en is daarmee de grootste plattelandsgemeente van Nederland.
Bronkhorst in de gemeente Bronckhorst
Doesburg
Als je de geschiednis van Doesburg induikt kom je markante namen tegen. Want wie heet er tegenwoordig nog Wemberich van Bergchem, Frederick Alexander Adolf Gregory of Theodoor Adriaan Christiaan Colenbrander?
Iets recenter is de naam Johan Bernard Ubbink tegen. Naast zevende in de rij Ubbink was hij in de Tweede Wereldoorlog Engelandvaarder en geheim agent en raakte verwikkeld in het zogenaamde Englandspiel.
In de nacht van 30 november op 1 december 1942 vertrokken Ubbink en Herman Overes met een bommenwerper naar Nederland. Ze werden bij Leersum geparachuteerd, samen met zes containers en twee radiosets. Het ontvangstcomité werkte echter voor de Sicherheitsdienst (SD). Ze waren slachtoffer geworden van het Englandspiel. Ubbink en Overes werden in Den Haag door de SD ondervraagd. Daarbij bleek dat de Duitsers van alles op de hoogte waren. Op 4 december 1942 werd Ubbink naar Kamp Haaren gebracht. Tien weken later werd Overes zijn celgenoot.
Op 31 augustus is Ubbink met Pieter Dourlein ontsnapt. Ze liepen naar Tilburg, waar een priester hen in contact bracht met Van Bilsen, een voormalig politiechef die in het verzet zat. Via een geheime zender lieten ze Engeland weten wat er gebeurd was. Ubbink en Dourlein gingen via Zwitserland naar Spanje en vlogen van daar op 1 februari 1944 naar Engeland. Na aankomst werden zij verhoord en aanvankelijk zelfs vastgezet op verdenking van contraspionage.
Doesburg
Burgers Zoo
Pas op voor buren die fazanten in hun achtertuin houden. Voor je het weet lopen er olifanten, tijgers en orang-oetans rond. Johan Burgers hield als hobby fazanten. Die hobby is inmiddels uitgegroeid tot een 45-hectare groot professioneel dierenpark met het predicaat Koninklijk.
En misschien – als je net zoals ik ‘net’ de dertig voorbij bent – ken je Antoon van Hooff nog wel. Een dochter van Johan Burgers trouwt met een van Hooff en de rest is geschiedenis.
Nederlands Openlucht Museum
Er komt geen eind aan deze etappe. Heb je net de uitgang van de jungle gevonden en is je navigatie systeem weer net uit de slaapstand, blunder je tegen het volgende onvermijdelijke, niet te missen en grootschalige bezienswaardigheid aan. Het Nederlands Openlucht Museum.
Het is alles wat in de openbare ruimte Nederland tot Nederland maakt in compacte vorm. Leuk voor de haastige Amerikaan, maar waar bij de oprichting gevreesd werd voor de teloorgang van sommige Nederlandse pareltjes, blijkt in praktijk dat de originelen vaak bijzonder goed geconserveerd zijn. Amsterdam zou je in die zin ook een openlucht museum kunnen noemen.
Dus opdoeken en er een woonwijk neerplempen? Nou nee, het is als promo van Nederland nog steeds waardevol voor Duitsers en talloze andere buitenlanders die ‘een brug te ver’ zijn en na het herdenken van hun voorouders nog een vleugje Nederlandse cultuur willen opsnuiven.
Kasteel Rosendael
Wat moet ik zeggen. Als ik onderstaande video bekijk en vooral beluister dan komt het woord ‘voornaam’ naar boven. Of zoals mijn studerende kinderen zouden zeggen ‘prominent’.
Het is natuurlijke een mooi gebouw met geschiedenis. Zeker een kiekje waard en waarschijnlijk een prachtige trouwgelegenheid voor een ‘prominent’ stel. Maar na Burgers Zoo en het Nederlands Openlucht Museum ben je wel toe aan natuurkampeerterrein Zegenoord.
Dan moet ik je teleurstellen, want je zal eerst de Posbank nog moeten bedwingen.
Hotel Huis te Eerbeek
Het is ‘maar’ een Fletcher hotel, maar wel eentje die prachtig gelegen is aan de rand van Eerbeek. En als je niet direct met het avondeten vast zit aan het hotel, kun je zeer goed terecht in het nabij gelegen restaurant De Korenmolen.
Het hotel zelf is een jaren 80, jaren 90 gebouw, maar het ligt naast het oude Huis te Eerbeek dat nog in gebruik is voor feesten en partijen.
Vanuit startpunt natuurkampeerterrein Drie gaat de eerste etappe volledig over de Veluwe. Je komt veel bossen tegen, maar ook stukken heide en natuurlijk het pittoreske dorpje Hoog Soeren. Midden op de heide rijdt je tegen het imposante gebouw van Radio Kootwijk aan.
Het Uddelermeer is het grootste bekende pingoruïne op de Veluwe. In het geval van het Uddelmeer gebeurde dit tijdens het Saalien, een van de laatste ijstijden. Na het smelten van de ijskern bleef alleen het gat over dat tegenwoordig het meer vormt. Het meer heeft een diepte van circa 17 meter. Het smeltwaterdal ligt ingeklemd tussen de stuwwallen van Ermelo en Apeldoorn.
Doordat het Uddelermeer in een relatief droog gebied ligt is het gebied rond het Uddelermeer mogelijk al in de ijzertijd gecultiveerd. Zeker is in ieder geval dat vanaf de 7e eeuw in de omgeving ijzer werd geproduceerd. Ten oosten van het meer ligt de Hunenschans, een verdedigingswerk uit vermoedelijk de tiende eeuw.
De oudst bekende vermelding is uit 792-793 als het in een schenkingsoorkonde vermeld wordt als ‘Uttiloch’. Een oorkonde uit 950 waarin een schenking van Keizer Otto I de Grote aan het klooster Engern is vastgelegd heeft vermoedelijk ook betrekking op het Uddelermeer.
Als je wat minder van de geschiedenis bent; Je kunt ook gewoon heerlijk zwemmen in het meer.
Aardhuispark
Het Aardhuispark is een prachtig stuk natuur rondom Het Aardhuis. In het Aardhuispark is gemarkeerde route uitgezet van 3 km. Ideaal voor een korte wandeling of om even tot rust te komen. Met wat geluk zie je edelherten en damherten. In Het Aardhuis kun je terecht om iets te eten en te drinken. Op de eerste verdieping vind je het bezoekerscentrum van Kroondomein Het Loo.
Hoog Soeren
Misschien het het mooiste dorp op de Veluwe ligt te midden van de zuidelijke bossen van de Koninklijke Houtvesterij Het Loo. Hoog Soeren ligt prachtig in een glooiend landschap met een fraai en beschermd dorpsgezicht van boerderijen een leuk wit kerkje en niet onbelangrijk een Jachthuis waar je kunt genieten van een drankje op het terras of in het sfeervolle Jachthuis zelf. Voor de hongerige en koolhydraat slurpende fietser is er ook een pannenkoekenhuis met de toepasselijke naam Berg en Dal.
De belangrijkste bezienswaardigheden van het dorp zijn de kapel uit 1904, het beeld “Paula in kamerjas” van Maïté Duval en de verschillende historische in de typische stijl uit het begin van de vorige eeuw. Schuin tegenover de ingang van de Golfbaan ligt de brandweerkazerne van Hoog Soeren. Deze is nog gevestigd in een historisch oude houten schuur, zoals er meerdere in het dorp te vinden zijn. Het brandweerkorps van het dorp is gespecialiseerd in bosbranden, die helaas met regelmaat voorkomen in de directe omgeving van het dorp.
Kapel Hoog Soeren
Wie geen genoeg kan krijgen van dit dorp is er de mogelijkheid te overnachten in boutique hotel No 15.
Radio Kootwijk
Het monumentale voormalige zendstation Radio Kootwijk verrijst in het hart van de Veluwe, waar de bomen plaats maakten voor een open gebied van heidevelden en zandverschuivingen. Eenmaal de afrit naar Radio Kootwijk genomen, begint de verwondering. Een slingerend pad door de imposante bossen leidt via het kleine gelijknamige dorp naar het voormalige zendstation. Een karakteristiek imposant gebouw dat middenin een natuurlijke omgeving staat. Hier is ruimte voor zowel ontspanning als zakelijke ontmoetingen en evenementen.
Radio Kootwijk
Voor de meesten is het een imposant en karakteristiek gebouw, voor de ander een brok beton en unheimisch. Het is een bijzonder stukje Cultureel Erfgoed en is hoe dan ook: Ruimte die je raakt!
Het verhaal van Hans Suijling
Johannes Diederick Suijling werd op 10 januari 1906 te Den Haag geboren. Hij groeit op in een gezin met een ouder en een jonger zusje. Zijn vader is een gerespecteerd rechtsgeleerde en buitengewoon hoogleraar in het volkenrecht in Leiden. Hans kiest na de middelbare school voor een technische studie, vermoedelijk in Delft. Dat wil eerst niet erg vlotten. De studie wordt voortgezet en afgerond aan de Technische Hogeschool in Dresden, de stad waar zijn opa van moederskant vandaan komt.
Na de vervulling van zijn militaire dienstplicht gaat hij als ingenieur werken bij de PTT. In 1938 trouwde hij met Frieda Fehrmann; in 1939 werd dochter Anneke geboren. In datzelfde jaar werd hij gemobiliseerd als 1e luitenant bij de Genietroepen, bij de zoeklichtafdeling tegen luchtdoelen. Zijn werkgever Radio Scheveningen werd in mei 1940 werd op last van de bezetter gesloten voor de communicatie met koopvaardijschepen. Onder Duits toezicht bleef hij er werken, maar er werd tegelijkertijd de basis voor zijn verzetsactiviteiten gelegd. In 1943 is Hans zowel voor zijn werkgever als voor het verzet meer nodig op de Veluwe. Hij werd overgeplaatst naar het radiozendstation Kootwijk, dat door de Duitsers voor allerlei oorlogsdoeleinden wordt ingezet. Ook hier werkte het Nederlandse personeel onder streng toezicht.
Met zijn gezin verhuist hij van Den Haag naar het dorp Kootwijk. Hij werd commandant van de lokale afdeling van de Ordedienst (OD) en gebruikte hiervoor de schuilnaam ‘de Egel’. De leiding van het Veluws verzet vroeg Suijling alles te doen om de hele installatie van het zendstation na het vertrek van de Duitsers ongeschonden te kunnen overnemen. Ook bouwde hij in het dorp Kootwijk een kortegolfzender die bedrijfsklaar moest zijn als de Duitsers bij hun vertrek het zendstation toch nog zouden opblazen. De villa van A. Heijnen (`Kerkendel’) met de zender werd door de Duitsers gevorderd, waarna Hans in het zendstation Radio Kootwijk op een verborgen plek twee zenders bouwde. Onder dreiging van de geallieerde opmars begonnen de Duitsers het zendstation te ontmantelen en kwamen zij de twee zenders van Suijling tegen.
Hans is dan met zijn gezin al ondergedoken bij de dames Van Beek en De Jong op een boerderij achter de Puurveense molen in Kootwijkerbroek. Een gearresteerde verzetsmedewerker vertelde na wrede en sadistische verhoringen dat onderduikadres. Op 1 november 1944 werd hij door de Hollandse SS’er Van de Wal en de Sicherheitsdienst Apeldoorn gearresteerd en gevangengezet in de Koning Willem III-kazerne in Apeldoorn, in die tijd een beruchte gevangenis van de Sicherheitsdienst. Daar zitten op dat moment vele belangrijke verzetsmensen gevangen. Vanwege een mislukte verkenningspoging als voorbereiding voor een bevrijdingsacties door het landelijk verzet willen de Duitsers een afschrikwekkend voorbeeld stellen. In de vroege ochtend van 2 december 1944 werden twaalf Nederlandse verzetsstrijders en een Amerikaanse piloot op het voetbalveld even buiten de kazerne geëxecuteerd.
De 38-jarige Hans Suijling is één van hen. Hij werd begraven op Heidehof, vervolgens herbegraven op de begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag en tenslotte herbegraven op het Ereveld Loenen. Zijn naam leeft voort op het Keienmonument aan de Sportlaan en op het monument in Radio Kootwijk, met de namen van de andere omgekomen medewerkers van het zendstation.