Squadrats

Bij Fietsen Natuurlijk ! hebben we het regelmatig over ’tegeltjes fietsen’. We hebben hier in 2019 een artikel over geschreven en het was het onderwerp van onze tweede podcast.

In principe komt het erop neer dat je door zoveel mogelijk verschil;ende routes te rijden of te lopen, je vierkantjes in een raster op de kaart verzameld. Nogal nerdy, maar het zorgt ervoor dat je wat vaker ergens gaat rijden waar je nog niet bent geweest. En zo ontdek je wel eens prachtig nieuwe plekken.

Tegels verzamelen doe je met de VeloViewer website. Deze website legt een connectie met je Strava account en laadt dan je ritgegevens in. Op basis van die ritgegevens bepaalt VeloViewer de geraakte vierkantjes. In het Engels ’tiles’ genoemd en dus vertaald in het Nederlands naar tegels.

VeloViewer kost de gebruiker £10,- per jaar, naast natuurlijk een eventueel abonnement op Strava. Daar krijg je dan wel veel meer voor dan alleen tegeltjes. VeloViewer zit vol met statistieken en overzichten.

Nu is er een alternatief voor VeloViewer die eigenlijk hetzelfde doet, maar dan – voorlopig – gratis; Squadrats. Ook Squadrats haalt je Strava ritgegevens op en geeft je dan info over het aantal Squadrats (= tegels) je hebt, je cluster (= aantal aaneengesloten tegels) en je Max Square (= het maximale vierkant aan aaneengesloten tegels). Voor de rest heeft Squadrats geen mooie statistieken en andere scores als bijvoorbeeld de Edington score. Erg basic dus.

Mijn Squadrats

Quadrats geeft je een kaart met de ingekleurde tegels. Voor de ervaren tegelaars is de kleurstelling even wennen. Grijs is een niet geraakte tegel, oranje is een geraakte tegel, wit is onderdeel van je cluster en het vierkant is aangegeven met een rode lijn.

Ook Squadrats heeft net als VeloViewer een Google Chrome plugin om te gebruiken in je routeplanner. Zo kun je zien of je geplande route nieuwe tegels raakt.

Squadrats houdt zelf je nieuwe activiteiten bij en meldt je via een email dat je nieuwe tegels hebt geraakt. Je hoeft dus niet zoals bij VeloViewer op een ‘update’ knop te drukken.

En uiteraard zijn er ook ‘Rankings’, zodat je jezelf met anderen kunt vergelijken. Dan maak je er toch meer een competitie van. Maar aangezien Yorick ook al lid is van de Squadrats familie, ga ik nooit meer winnen. Voor mij is dit dus niet een heel belangrijke functionaliteit.

Als extra heeft Squadrats zogenaamde Squadratinhos. Een Squadrat bestaat uit een raster van 8 x 8 Squadratinhos. Het levert dus een fijnmaziger raster van je kaart op. Leuk, maar wat heb je er aan? Nou, je kunt op deze manier je eigen stad beter verkennen. Je eigen omgeving heb je qua tegels al snel vol. Maar dat wil niet zeggen dat je ook alle wegen in je omgeving hebt gefietst of gelopen. Met het sparen van Squadratinhos word je dus gedwongen meer en andere routes te rijden om een cluster te krijgen.

Als je wat verder bent met tegelen, zul je merken dat je best een end moet rijden met trein of auto om een ritje met nieuwe tegels te maken. Ik moet inmiddels al snel een uur in de auto zitten om nieuwe tegels te zien. Daar heb ik niet altijd zin in of tijd voor. Met Squadratinhos kan ik mijn drang naar nieuwe routes wat dichter bij huis houden. Er is nog een flink aantal Squadratinhos in de buurt die ik niet geraakt heb. Nadeel daarbij is dat er niet altijd een weg of een fietspad doorheen loopt. Dus het wordt ook deels hardlopen en wandelen. Weer een leuke nieuwe Corona hobby zou ik zeggen.

Mijn Squadratinhos. Verwarrend genoeg zijn hier de geraakte mini-tegels weer oranje, het cluster donker oranje en de nog niet geraakte mini-tegels wit.

De aanschaf van een gravelbike

Een gravelbike. Leuk, maar welke moet je kiezen. Ik kreeg de vraag van een vriend of ik hem een beetje wilde helpen met het uitzoeken van zo’n ding. Dat is een probleem dat in 2 seconde is op te lossen. De Specialized S-Works Diverge.

Specialized S-Works Diverge van €14.000,-

Klein nadeel aan de S-Works is het prijskaartje van €14.000,-. Dus dan de oplostijd toch maar wat oprekken om een iets genuanceerder beeld te krijgen.

Volgens mij kun je jezelf 3 vragen stellen als je een gravelbike gaat aanschaffen:

  1. Wat wil ik ermee gaan doen?
  2. Wat is mijn budget?
  3. Welke geometrie past het beste bij me?

De eerste vraag lijkt een inkoppertje en de laatste ver gezocht. Maar ik denk dat het dé 3 belangrijkste vragen zijn.

Wat wil je ermee doen?

Gravelen – als dat überhaupt een woord is – natuurlijk! Dat lijkt me logisch. Maar misschien zie je nog meer mogelijkheden. Je kunt een gravelfiets ook prima als vakantiefiets gebruiken en in de winter zijn de brede banden wellicht fijner dan de 25mm bandjes van je racefiets. Met een extra wielsetje tover je de gravelbike ook zo om tot een racefiets. Dus heb je – de woorden van Laurence Ten Dam in gedachte nemend – niet én een racefiets én een gravelbike nodig.

Het antwoord op de vraag “Waar ga ik mijn gravelbike voor gebruiken?”, geeft richting aan de keuze van de fiets. Als je er ‘alleen’ mee gaat gravelen, zou ik kiezen voor een alu frame, maar als je er ook een racefiets van gaat maken, is de keuze voor carbon goed te verdedigen. En als je er bagage aan gaat hangen, dan heb je weer ‘nokjes’ nodig op je frame om je ‘zooi’ op te bevestigen.

Maar het antwoord op de eerste vraag geeft niet alleen richting aan de keuze van het frame. Als je de fiets meer all-round gaat gebruiken, zou ik kiezen voor een versnellingsapparaat met een dubbel blad voor. Veel gravelbikes zijn tegenwoordig uitgerust met een enkel blad voor en 12 kransen achter. Als ervaren vakantiefietser kan ik je vertellen dat je daar in bergachtig terrein niet genoeg aan zal hebben. En dan gaat het nog niet eens over het bereik, hoe klein is je kleinste verzet, maar met name om de stapjes ertussen. Die zijn bij een 1×12 nu eenmaal groter dan bij een 2×11. Ook als je de gravelbike als racefiets gaat gebruiken en je trekt er de bergen mee in, zou ik altijd een dubbel voorblad adviseren.

En als je ermee op vakantie gaat en genoeg geld in je portemonnee hebt, ga je misschien wel voor een Rohloff naaf, of nog mooier een Pinion versnellingsbak.

Wat is mijn budget?

Ik was er na 2 seconde al uit. Het moet een Specialized S-Works Diverge worden. Specialized is dé marktstandaard voor gravelbikes en dit is hun beste fiets. Alleen heb ik geen €14.000,- te besteden aan een fiets. Dus jezelf een beetje beperken in het budget, geeft alweer richting aan de uiteindelijke keuze.

Heb je een relatief beperkt budget (tot €1.000,-), dan zou ik alu frame kiezen van een Duitse fietsfabrikant die niet al te veel emotie in zijn merk heeft zitten. Cube en Canyon maken bijvoorbeeld goede fietsen voor een schappelijke prijs. Het instapmodel Cube Nuroad heb je voor €899,-.

Heb je iets meer te besteden (€1.000,- tot €2.000,-), dan is het verstandig te kijken naar de afmontage. De hierboven genoemde Nuroad heeft een Shimano Claris schakelsysteem. Daar zal je al vrij snel last van krijgen als je echt off-road gaat. De Claris is een goedkope racefiets versnelling van Shimano en eigenlijk helemaal niet bedoeld voor gravelbikes. De belangrijkste reden is dat er geen kettingspanner in de achterderailleur zit. Zo’n spanner zorgt ervoor dat de ketting niet op en neer danst als je door kuilen en over hobbels rijdt.

De Cube Nuroad van €899,-

Shimano heeft daarom een speciale groep voor gravelfietsen; de GRX. Nu moet je direct opletten, want binnen deze groep kent Shimano 3 varianten:

  1. GRX 400 serie
  2. GRX 600 serie
  3. GRX 800 serie

Voor de racefiets kenners kun je de groepen vergelijken met respectievelijk Tiagra, 105 en Ultegra. Dus als je iets meer geld hebt, kies dan voor de GRX-600 of GRX-800 groep van Shimano. Als je meer een SRAM fan bent, dan kun je beter de Apex links laten liggen en direct voor de Force gaan.

Vaak onderschat, maar minimaal net zo belangrijk, is het remsysteem. De echte instappers hebben vaak mechanische schijfremmen. Als je een beetje meer geld neer kunt tellen, kies dan in ieder geval hydraulische remmen. En dan natuurlijk weer het liefs GRX-600 of GRX-800. Hydraulische remmen zijn echt aan te raden.

Heb je je partner overtuigd dat de aanschaf van 1 fiets in plaats van 2 fietsen een hoger budget verantwoordt (€2.000,- en meer), dan kun je ook denken aan een carbon frame. Carbon heeft natuurlijk de naam licht te zijn. Dat is het ook wel, maar om het gewicht hoef je het niet eens te doen. Tussen een alu en een carbon variant van hetzelfde frame zit eigenlijk nooit meer dan 1 tot 1,5 kg. Voor een vergelijkbaar fame in carbon betaal je wel ongeveer €1.000,- extra.

Dé belangrijkste reden om toch voor carbon te gaan is de ongekende stijfheid. Je moet ervan houden, maar het geeft je ultieme controle over je fiets en minimaal krachtsverlies in de buiging van je frame. Goede vraag is of je dat als amateur ooit echt gaat merken.

Met meer budget, kun je ook wat meer emotie in je fiets gooien. Sommige fietsen zijn nu eenmaal wat mooier dan andere, al is dat voor iedereen weer anders. Ik ben bijvoorbeeld erg gecharmeerd van het uiterlijk van een Santa Cruz Stigmata.

De Santa Cruz Stigmata

Met meer budget is ook zeker te overwegen om je banden tubeless te maken, of gewoon een fiets te kopen die bij aanschaf al tubeless banden heeft. Voor bredere banden heeft tubeless het voordeel dat je met veel lagere bandenspanning kunt rijden, zonder een significant hogere rolweerstand. Als ik off-road ga, heb ik nooit meer dan 1,5 bar in de banden. Als ik een mix doe van gravel en asfalt, niet meer dan 1,8 bar en ga ik puur asfalt crossen op de dikke banden, dan doe ik er hooguit 2 bar in. Minder druk betekent meer grip en meer comfort.

Zelf zie ik niet helemaal het nut van carbon velgen op een gravelbike. Carbon velgen zijn peperduur en bieden eigenlijk geen voordeel ten opzichte van een goede alu velg. Als je velgen mag uitkiezen, dan adviseer ik de DT-Swiss velgen. Voor gravel hebben ze de G-serie, en voor je tweede wielset op de weg de E-serie, of de P-serie.

Ga je helemaal los met je budget, dan kun je natuurlijk overwegen om elektrisch te gaan schakelen met bijvoorbeeld een Di2 systeem van Shimano. Je portemonnee loopt dan wel vrij rap leeg en echt veel voordelen heeft het niet. Een andere optie om je budget uit te putten is een Rohloff naaf of een Pinion versnellingsbak. Vooral een merk als Santos is dol op deze optie. De naafversnelling wordt tegenwoordig meestal gecombineerd met een aandrijfriem in plaats van een ketting en biedt zodoende een onderhoudsarm alternatief voor de traditionele derailleurversnelling. Ik ben dol op de techniek, vooral die van Pinion, maar minder dol op het prijskaartje. Je moet al snel op €1.000,- tot zelfs wel €2.000,- extra rekenen als je een Rohloff of een Pinion wilt. Daarnaast neemt het gewicht van je fiets ook nog eens toe.

Welke geometrie pas het beste bij jou lichaam?

Als je een leuke gravelbike uitzoekt, kijk je naar de kleur, de afmontage en de framemaat. Toch? Ik denk de meeste gravelbike kopers wel. De vraag is of het niet veel verstandiger is om eerst naar de geometrie van de fiets te kijken en dan pas naar de kleur.

Frames worden niet meer bekeken en beoordeeld op framemaat. Vroeger kocht je een fiets met framemaat 58 en had je een tabel waarmee je op basis van je lengte de framemaat kon achterhalen. Met de introductie van zogenaamde ‘sloping’ frames kwam daar verandering in. Doordat de bovenbuis nu schuin naar beneden liep, werd de framemaat kleiner. De benodigde framemaat werd nu ineens ook bepaald door de hellingshoek van de bovenbuis. Dat inspireerde een merk als Giant om over te stappen op T-shirt sizes voor hun frames.

Om het simpel te houden zijn de belangrijkste maten van nu de zogenaamde ‘stack’ en ‘reach’. In onderstaande afbeelding respectievelijk de maten K en L.

Geometrie van een Giant Revolt Advanced 0

De stack zegt iets over de hoogte van je stuur ten opzichte van je trapas en daarmee bepaalt het voor een deel de mate van buiging van je rug. De meeste fietsers ervaren een mindere buiging van de rug (minder voorovergebogen zitten) als comfortabeler, waar meestal een meer voorovergebogen houding aerodynamischer is.

De reach zegt iets over hoe ver je stuur bij je zadel weg staat en bepaalt het andere deel van de benodigde buiging van je rug. Soms wordt hierbij de stuurpen (stem) bij opgeteld (maat O). Dan spreken we ook wel over een ‘riders reach’.

Frames van verschillende merken hebben echt een andere stack en reach. De ene fabrikant gaat helemaal voor comfort, terwijl de andere fabrikant een all-round fiets wil neerzetten.

Daarnaast kan je eigen lichaamsverhouding bepalend zijn voor welke stack en reach bij jou past. Iemand met lange benen en een kort bovenlichaam, zal zich prettiger voelen bij een hoge stack en een korte reach.

Let op als fietsverkopers gaan ‘rommelen’ met de stuurpen(lengte) of positie van het zadel. De variatiemogelijkheden die je met stuurpen en zadel hebt, zijn niet bedoeld om een niet passende geometrie te compenseren. Vooral de positie van je zadel heeft direct invloed op de stand van de benen ten opzichte van de pedalen en daarmee op de overbrenging van de kracht op de pedalen. Niet uit te sluiten valt dat een verkeerde stand van het zadel (te ver naar voren of naar achteren) leidt tot pijn aan knieën of heupen.

Met andere woorden, als er gesleuteld moet worden aan de stuurpen of het zadel, dan klopt de geometrie gewoon niet. Soms willen fietsenmakers daar niet aan, omdat een frame nu eenmaal niet aan te passen is. Een goede fietsenmaker heeft echter verschillende frames is zijn collectie en zal je sturen naar een frame dat beter bij je past.

De ultieme methode om erachter te komen welke geometrie het beste bij jou past, is een bikefitting. Daar bedoel ik niet even zitten of een slecht uitziende spinfiets bij de fietsenmaker, maar een serieuze analyse bij een erkende bikefitter. Daar krijg je onafhankelijk advies en een goed beeld van welke geometrie bij jou past. Nadeel is dat een goede bikefitting al gauw €300,- kost.

Je kunt natuurlijk ook op je gevoel afgaan. Zeker als je al een tijdje fietst. Vuistregel is dat als de fiets na 5km nog niet goed aanvoelt, de fiets ergens niet klopt. De fiets moet al vrij snel als gegoten aanvoelen. Waterdicht is deze methode niet, maar je gevoel geeft vaak al aan dat er iets schort. Als je bijvoorbeeld direct het gevoel krijgt dat je schouders op gelijke hoogte zitten als je oren, dan zit je waarschijnlijk te rechtop. Krijg je het idee dat als je links stuurt, je met rechts niet meer bij je remhendel kunt, dan is er iets mis met je (riders)reach. Maar hoe dan ook; het voelt niet goed. En een fiets moet na 5 kilometer proefrit minimaal goed voelen.

De vakantiefietser

De vakantiefietser heeft altijd een speciaal plekje in mijn hart. De traditionele vakantiefietser zal snel naar een trekkingfiets grijpen. En daar is natuurlijk niets mis mee. Maar een gravelfiets kan een goed alternatief zijn en die kun je natuurlijk ook in het weekend gebruiken als je met je maten de hei opgaat.

Belangrijk om op te letten als je een gravelbike als vakantiefiets wilt gebruiken, zijn de bevestigingspunten op het frame. Ook wel ‘nokjes’ genoemd. Sommige merken, waaronder Canyon, blinken uit door de afwezigheid van nokjes en andere merken, zoals Trek en Stevens zijn daar heel bewust mee bezig.

Voor een goede bevestiging van een bagagedrager heb je gewoon 2 nokjes op de staande achtervork nodig. Laat je niet wijs maken dat het ook wel met 1 kan. Er zijn bagagedragers die je kunt bevestigen aan het ene nokje in de brug van je staande achtervork, maar dat is erg instabiel. Dat nokje is bedoeld voor een spatbord, niet voor een bagagerek.

Ook nokjes op de voorvork voor de bevestiging van een zogenaamde lowrider of bikepack racks is een absolute pré. Daarnaast hebben Trek en Stevens ook nokjes op de bovenbuis voor bijvoorbeeld een buistasje of zelfs een bidon.

Mijn volgende vakantiefiets zou zomaar een Trek Checkpoint ALR-5 kunnen worden.

De Trek Checkpoint ALR-5. Misschien nog even een jaartje wachten op een betere kleurstelling.

C&O Canal trail, VS

Dag 1: Watermanagement

De trail die ik de komende twee dagen rijd, heeft vele namen en die zijn allemaal logisch en correct. De Chesapeake & Ohio Canal Company heeft hier in 1828 een kanaal, of eigenlijk een trekvaart, aangelegd om hout, kolen en andere handige zaken te transporteren. Vandaar de namen C&O canal trail of C&O towpath trail. Vorige keer dat ik hier was hing ik op m’n gravelbike aan een sleeptouw achter een stel mtbers omdat m’n derailleur was afgebroken. Heel toepasselijk zo’n sleep op deze plek en ook spannend, maar dat is een ander verhaal (zie Op Sleeptouw). Ik ben dus weer terug op de C&O trail, ook wel CO genoemd, want Amerikanen houden van kort. De trail loopt van Washington naar Cumberland, een slordige 185 mijl (297km). In het verlengde ervan loopt de Great Allegheny Passage -ook wel GAP genoemd- die nog eens 150 mijl doorloopt naar Pittsburgh. Samen zijn de trails goed voor 540km gravel plezier. 

De hele GAPCO. Mijn route tussen 35 (Point of Rocks) en 90 (Williamsport)

Terug naar de route van vandaag. Ik doe een stukje van de CO oost-west langs Harpers Ferry naar Williamsport. De route (en dus ook het kanaal) volgt de Potomac rivier. “Maar wacht! Een trekvaart aanleggen terwijl er een een rivier gratis en voor niks naast stroomt?” bedacht ik me onderweg. Ja, en daar zijn een paar goede redenen voor. Allereerst is de Potomac op veel plaatsen nogal ondiep en bezaaid met rotsen en stroomversnellingen. Werkelijk prachtig om te zien, maar niet direct ideaal om je spulletjes en jezelf veilig over te vervoeren. Áls het je al zou lukken, wordt het behoorlijk lastig als je ook nog stroomopwaarts wil met je handelswaar. Dus bedacht men een trekvaart die de handel zou stimuleren tussen de oostkust en het binnenland. 

Het kanaal moest in hoogte natuurlijk meevariëren met de rivier, dus moesten er ook sluizen (‘Locks’) in komen. Die zijn overigens allemaal (74 stuks) nog steeds genummerd. Van de rivier werd handig gebruikt gemaakt om het kanaal gecontroleerd van water te voorzien. Een ingenieus systeem van sluizen, buffers, basins, dammen én natuurlijk het trekpad was het gevolg. Maar ook aquaducten om de trekvaart over de grote stromen die uitmonden in de Potomac te leiden. Al met al een aardig stukje watermanagement. Die kennis is schijnbaar verwaterd, want bijvoorbeeld dijken kennen ze hier in de VS niet echt. Maar overstromingen hebben ze wel…daar zou die kennis toch best handig voor zijn geweest denk ik dan. Voordat het kanaal gereed was, was er ook een spoorlijn waar uiteindelijk niet tegen kon worden geconcurreerd, waardoor het kanaal niet erg lang is gebruikt. Het C&O Canal ligt nu bijna overal droog en er groeien inmiddels veel bomen langs, maar gelukkig hebben ze er een Nationaal Park van gemaakt waardoor het pad onderhouden wordt en ik er nu heerlijk overheen kan fietsen. 

Ik ben blij dat ik nog deze herfst de trail heb gekozen, want het is hier werkelijk heerlijk rustig en schitterend. De herfstkleuren blinken je tegemoet en de trail is bijna geheel en al een tapijt van bladeren. En hoewel het vanmorgen regende, schijnt de rest van de dag de zon uitbundig. Heerlijk. Zo om de paar kilometer ligt er zoals gezegd een sluis waar het pad even een paar meter omhoog gaat en weer vlak verdergaat over het bladerdek.

Naast het graven van een kanaal en het bouwen van een spoorlijn, is er hier ook nogal uitbundig gevochten tijdens de Amerikaanse burgeroorlog. Harper’s Ferry, een mooi plaatsje dat hoog boven de rivier uitsteekt en waar de Shenandoah rivier samenkomt in de Potomac, is een van de bekendere plaatsen uit de civil war geschiedenis. Onderweg kom ik nog veel meer plekken tegen waar allerlei veldslagen hebben plaatsgevonden. Alle generaals uit de Amerikaanse schoolboekjes komen in mijn beleving voorbij op de vele informatieborden onderweg:  Robert E. Lee, A.P. Hill, Jubal A. Early, ’Stonewall’ Jackson,… het gaat maar door.

Het mooie aan de trail voor wandelaars en fietsers, is dat -ondanks dat het er overwegend rustig is- er veel voorzieningen zijn. Er zijn redelijk wat campsites, uitgerust met picknicktafels, Dixies (Gotügo), een waterpomp en een vuurplaats. Verder zijn er -zeker voor de fietser- genoeg uitvalplaatsen om te eten en drinken, en overnachtingsmogelijkheden anders dan kamperen. Ik slaap in een simpel hotel in Williamsport. Ze serveren er geen ontbijt, maar vlak naast het hotel staat een WaffleHouse, 24/7 open. Dat wordt een goed ontbijt morgen. 

Dag 2: Harpers Ferry, file op de trap en homeopathische espresso

Mocht je denken dat het weer in Nederland als enige slecht voorspeld wordt, wees dan gerust, het is hier niet anders. Gisteren was er veel regen voorspeld en regende het alleen voor een deel in de ochtend, daarna volop zon. Vandaag zou zonnig zijn, en… tja… Na een uurtje begon het al. De app zei “over een half uur begint het licht te regenen. Dat duurt een half uur”. En dat klopte! Na een half uur hield de lichte regen op en ging over in forse regen. Maar het werd al snel droog, waardoor ik Velominati rule #9 toch niet echt aan mezelf kon toerekenen vandaag.

Ik rijd vandaag dezelfde weg terug over het oude trekvaartpad. Zoals ik al eerder heb ervaren, is dat met deze routes geen straf. Prachtige vergezichten over de rivier, bossen en rotspartijen. Wat me opvalt is dat de rivier hier heel puur is. Wild. Ongecultiveerd. Terwijl ik ernaar kijk, besef ik dat in Nederland werkelijk alles is geïnfrastructuurd. Alles is aangeplant, afgerasterd of op zijn minst ingetoomd en onder controle. Hier niet en dat maakt het adembenemend mooi om naar te kijken. 

Ik krijg al vroeg honger, dus eet ik mijn ‘doggie-bag pizza’ van gisteravond op. Dat was een mazzeltje. Bij het Italiaanse restaurant dacht ik “laat ik eens een medium pizza bestellen in plaats van een small”. Ik kreeg een pizza van 50cm op tafel geschoven waarna ik met grote ogen starend naar de pizza aan de serveerster vroeg “is dit medium?”. Een onbewogen “Yep” was het enige dat ze antwoordde. Maar de pizza was goed en lunch voor morgen was vanzelf geregeld. 

Ook iets wat heel tof is aan de VS: “Wil je alvast wat drinken bestellen?”. “Ja, graag. Hebben jullie bier?”. “Nee, maar je kan zelf bier kopen bij de slijterij hier vlak naast, hij is tot 10 uur open. Als je maar niet overdreven veel gaat drinken…”. Geweldig! En bedenk dat bier hier altijd koud staat bij de liquor store…

De Potomac rivier vormt de grens tussen de staat Maryland, waar de C&O trail doorheen loopt, en de staten Virginia en West-Virginia. Harper’s Ferry ligt in West-Virginia, vlakbij het 3-statenpunt van deze staten. Het ligt dus aan de overkant van de rivier (op een of andere manier moet ik altijd denken aan Drs. P; er is hier alleen geen pontje). Gisteren ben ik er gewoon langs gefietst, maar vandaag wil ik het dorpje bezoeken. De enige manier om van de trail naar Harper’s Ferry te komen is het voetpad langs de spoorbrug. Een steile stalen trap leidt omhoog en onderaan zijn plekken waar je je fiets kan neerzetten. Dat ga ik natuurlijk niet doen, dus de fiets moet mee naar boven. Je mag je fiets gewoon meenemen, net als honden en kinderwagens. Veel, heel veel mensen doen dat ook enthousiast. Het gevolg: een enorme drukte op de trap, want er is een continue stroom mensen in beide richtingen. Die gaan natuurlijk niet allemaal netjes op elkaar wachten, dus -hup- fiets/kinderwagen/hond trekken en sleuren de trap op (of af) en jezelf en je spullen langs de andere mensen zien te wurmen. Erg gezellig. Gelukkig is mijn gravelbike inclusief bepakking relatief licht en met wat geduld ben ik even later boven.

Op de brug een prachtig uitzicht over de Shenandoah rivier die hier uitmondt in de Potomac. Indrukwekkend. 

De spoorbrug over de Potomac naar Harper’s Ferry
Uitzicht op Potomac (li) en Shenandoah (re) rivieren

Het dorpje is nogal toeristisch. Veel winkeltjes en restaurantjes. Bij een koffiezaak beproef ik mijn geluk. Ik koop 2 muffins en bestel een flat white (small uiteraard). Ik krijg een latte, “want de melkschuimer doet het niet goed”. Binnen is het te druk, dus ga ik naar buiten om van mijn tweede lunch te genieten. Dat komt goed uit, want ik wil nog wat genieten van het hoge uitzicht op de rivier. Ergens moeten die 2 shots espresso in mijn beker zitten, maar ik proef er geen reet van. Blijkbaar verkoopt een goede koffie hier niet, want het moet nu eenmaal veel zijn. Veel melk in dit geval. Ik beschouw het als een beker hete melk, wat niet verkeerd is bij een koude wind bij 7 graden. Na de ‘koffie’ nog wat heen en weer fietsen door de straatjes, wat foto’s maken en terug over de brug en mijn favoriete, nog net zo drukke trap terug naar de trail. Onderaan de trap nog wat dringen, veel mensen. Ik stap op en na 1 kilometer ben ik weer helemaal alleen op de trail. Wat een heerlijk gevoel.

Podcast # 41 – Going North met Bas Belder

Ergens van de zomer volgde we via Strava Bas Belder op een avontuur van 4.000 kilometer naar de Noordkaap. Nu volgen we wel meer fietsers die ‘idiote’ afstanden afleggen, maar bij Bas vielen ons twee dingen op. Hij is wars van enige vorm van luxe en hij vertelde ons niet waar hij naartoe ging, alleen vaag de richting:

“Going North”

Het is zondagavond en het is koud, guur en nat. De herfst is in volle gang. Voor Ronald is het wennen om vanuit zijn zonneschijn-warm-weer-indian-summer met 25 graden, in Nederland vriendelijk te worden verwelkomd door een pissende-regen-harde-wind-4-graden-herfst. Kortom, we zijn dus weer live en Ronald doet verwoede pogingen om te acclimatiseren.

Gelukkig zorgt de gast aan tafel ervoor dat ze niet zelf de ontberingen hoeven te doorstaan. En warmen Ronald en Marc zich aan de verhalen, hoogte- en dieptepunten van deze reis die op de live-tafel voorbij komen. Met grote ogen en open mond luisteren we naar de verhalen van een Noordkaapfietser… Over wolken van terror-muggen, slapen in winkelportieken en lachen om je eigen selfies.

Op tafel staat een grote, 5 jaar gerijpte Belg die de Grand Prestige symboliseert waar Ronald en Marc alleen maar van kunnen dromen. Samen met de Amerikaanse Dragon’s Milk zorgen de schuimende Belgen voor verwarming van dit stoute avontuur…

Beeldverslag van Bas

Linkjes

Bas Belder kun je op Strava vinden:
https://www.strava.com/athletes/16128332

Velominati rule#95 (We vergeven het Bas 😉 )
https://www.velominati.com/

Race Around The Netherlands
https://www.adventurebikeracing.com/ratn/

Techniek
Pirelli Cinturato
Unior Cassette Lockring (cassette-afnemer; Engelse site)
SON naafdynamo
Cycle2Charge
Filter bidon
Het matje (maar die raadt Bas niemand aan…)

Podcast # 40 – Eindelijk Weer Live (Deel II Lost Track)

Het zat even tegen. De laptop was gecrasht met daarop deel II van onze nieuwe podcast. Daarbij is ook het vodje met onderwerpen in rook opgegaan. Helemaal jammer, omdat het een ‘live’ opname betrof toen Ronald even in Nederland was.

Het heeft daarom even geduurd. Maar nu is er een nieuwe podcast. Uiteraard in de inmiddels vertrouwde 45 minuten versie, maar aangezien we heel wat in te halen hadden, is er ook een lange versie beschikbaar. De laatste heeft natuurlijk wat extra onderwerpen.

Extended Version
Radio Edit
Zoom Studio in Nederland

Linkjes

Race Through Poland met Jair

Jair is de man van de lange adem. In podcast #25 vertelt hij over zijn Race Around the Netherlands. Een tocht van 1.925 kilometer in nog geen 4 dagen. Morgen begint hij aan een nieuw avontuur. De Race Through Poland, een self supported bikepack race van 1.500 kilometer.

Voor wie het leuk vind om Jair te volgen kan deze link gebruiken om te dotwatchen. Zijn capnummer is 32. Ronald en ik gaan hem zeker volgen.

Het is de derde keer dat deze race gehouden wordt. Vertrek in Wroclaw en via een vlakke aanloop gaat de route naar het Tatra gebergte. De route bestaat uit 6 segmenten die verplicht zijn. De tussenliggende stukken moet je zelf aan elkaar knopen, met de handicap dat je niet Polen uit mag en niet op grote wegen mag fietsen (red National roads).

Aantal deelnemers waaronder ik zelf heeft een foto van zijn of haar fiets ingestuurd. Verzameling daarvan is hier te vinden.

Laatste winnaar is Paweł Pieczka (2019) in een totaal brute editie.
Hier is een video over “Weather to Scratch”. Zelfs op de bank met popcorn zou je een regenjas aan willen doen.

Jair zijn ‘setup’ voor de race

10. Wat neem ik aan gewicht mee?

Gewicht is een gevoelig onderwerp. Niet alleen het gewicht van de fietser, maar ook dat van zijn bagage blijkt regelmatig een onderwerp waar veel emotie inzit. Juist daarom is het van belang het te behandelen.

Je vindt in dit hoofdstuk tabellen met de uitrusting die ik bij me had op onze tocht van 3 weken door Bretagne en Normandië. Dat is een indicatie, maar ook niet meer dan dat. Jouw persoonlijke voorkeur kan voor een andere gewichtsverdeling zorgen. Het kan ook zijn dat diezelfde voorkeuren meer of juist minder gewicht dan in de tabellen staat genoemd tot gevolg hebben.

Verdeling van de bagage over mijn fiets

10.1. Lichaamsgewicht

Het lichaam van de fietser is over het algemeen het zwaarste ‘object’ dat je meeneemt. Het lichaamsgewicht is daarom een factor in de hele gewichtsdiscussie. Het is ook het onderdeel waar relatief veel besparing te halen is, als je daar naar op zoek bent. Ik ben bijvoorbeeld 78kg en dat is 8kg te zwaar als ik naar het midden van de BMI schaal kijk. Met gezonde voeding en goede wil kan ik misschien beter 5 kilo van mijn lijf afhalen dan 500 gram besparen op een stoeltje.

Toch is het niet helemaal zo eenvoudig als hierboven beschreven. De gewichtsbesparing moet natuurlijk niet ten koste gaan van de spiermassa. Ik ga ervan uit dat het besparing op de hoeveelheid lichaamsvet is. En ook daar zit een grens aan. Vanuit de triatlon ken ik een aantal mensen met een zeer laag vetpercentage. Zij hebben het eerder koud dan een ander en hebben logischerwijs minder reserves, dus moeten nog beter op hun voeding letten.

Ik ga daarom hier ook geen pleidooi houden om af te vallen of om eruit te zien als een profwielrenner. Dat is aan jezelf. Waar ik wel ongevraagd wat advies over wil geven is het gewicht van de spullen die je meeneemt op fietsvakantie.

10.3. Opvallende artikelen

Om gelijk maar een paar opvallende artikelen uit mijn uitrusting te benoemen als potentiële punten van gewichtsbesparing, noem ik het toetsenbord en het stoeltje.
Om wat makkelijker een reisverslagje op mijn telefoon te kunnen maken, heb ik een (iPad) bluetooth toetsenbord (337 gram) meegenomen. Een beetje tiener kan sneller ’tikken’ met zijn duimen dan ik met 10 vingers, dus dat zou ook zonder moeten kunnen.

Bente zit op het stoeltje lekker te lezen op weg naar Berlijn in 2015

Het stoeltje is een leeftijdsdingetje ben ik bang. Toen we met fietsvakanties begonnen was ik 30 en had ik geen stoel nodig. Ik ging wel op een zitlap op de grond zitten. Die houding houdt ik ruim 20 jaar later niet zolang meer vol. Het gaat gewoon pijn in de knieën en rug doen. “Oude man” zegt mijn dochter dan. Dus daarom gaat er een stoeltje van 585 gram mee.
In Nederland en Scandinavië is een stoeltje wat overdreven. Veel campings in die landen hebben picknickbanken of ander meubilair staan. In Frankrijk is dat bijvoorbeeld nog geen gemeengoed op campings. In 3 weken tijd hebben we 1 keer een picknickbank en 1 keer oud tuinmeubilair gehad.

Ook vind je 2 opblaasbare kussens terug in mijn uitrusting. Waar sommigen al niet begrijpen dat je er überhaupt 1 meeneemt, moet ik er weer 2 hebben. De reden is dat ik vanwege een knieblessure met een kussen tussen mijn knieën in moet slapen. Het tweede kussen is gewoon comfort voor onder mijn hoofd. Toegegeven, het kan ook anders worden opgelost. Bijvoorbeeld door truien in een T-shirt te proppen. Ook heb ik geprobeerd om van de pompzak van het luchtbed een kussen te maken, maar die loopt toch langzaam leeg.

10.2. De fietskar

Een mogelijk om bagage te vervoeren is een fietskar. Deze neem ik hier niet mee als optie, maar wil ik wel benoemd hebben. Sommige fietsers zweren bij een fietskar en geven aan dat dit fijner fietst dan met bagage op je fiets.

Mijn fiets (Sparta Marathon) en Burley Cub fietskar in 2007, Luberon (Fr)

Ik heb jarenlang met een fietskar (Burley Cub uit 2000) rondgereden. Daar vervoerden we kinderen mee totdat ze de leeftijd hadden bereikt dat ze op een aanhangfiets (biketrailer) konden zitten. Vanuit die ervaring kan ik je vertellen dat het geen feest is op met zo’n ding te fietsen. Het schokt en het stoot, trekt je frame uit elkaar en het is nogal zwaar.

Eigenaren van zogenaamde BOB trailer zijn over het algemeen zeer positief over hun karretje. Deze kar is niet geschikt voor het vervoer van nageslacht, maar je kunt er prima je spullen mee vervoeren. Ik heb met een BOB trailer gereden en de constructie zorgt ervoor dat het een stuk beter fietst dan mijn Burley aanhanger, maar ik vind het nog steeds een stuk minder dan met bagage aan of op de fiets. De BOB adepten zeggen dat dit aan mij ligt en ze zouden natuurlijk gelijk kunnen hebben.

Wat in de loop van de jaren steeds meer ruimte inneemt, is de elektronica. Ik heb een telefoon, een sporthorloge, een navigatiesysteem, een voor- en achterlamp en dus een toetsenbord bij me. Daardoor heb ik dan weer 2 powerbanks, een berg aan snoeren en stekkers en zelfs een Eurostekker bij me, om het hele zaakje opgeladen te krijgen.
In 1999 had ik in Nieuw Zeeland alleen een Petzl hoofdlamp en een Kermit GSM bij me. Beide werkten op penlite batterijen die je overal kon kopen. De telefoon was alleen voor noodgevallen en je kon er alleen mee bellen en SMS’en. En met een tarief van ƒ10,- per minuut deed je dat zo min mogelijk.

10.3. Gewicht van de fiets en accessoires

Na je lichaam is meestal de fiets het een na zwaarste object. Zeker in mijn geval met een fiets van maar liefst 17,2kg. Madeleine haar fiets (Koga) is met 18,3kg zelfs nog een kilootje zwaarder. Mijn fiets is een jaar of 10 oud en in die tijd was dit een heel standaard type fiets voor een fietsvakantie. Inmiddels zie ik toch wel wat ontwikkelingen in fietsen die het wellicht mogelijk maken om voor een lichtere fiets te kiezen.

De belangrijkste reden voor het gewicht van mijn fiets is degelijkheid. De fiets moet bij met een behoorlijke bepakking toch stabiel blijven en niet uit elkaar vallen. Er zitten daarom speciale vakantiewielen met extra spaken in. Het frame is ook zwaarder om meer stijfheid en stevigheid te creëren. Maar als ik minder aan gewicht meeneem, heb ik dan nog wel zo’n zware fiets nodig?

Als ik kijk naar onze uitrusting, dan zie ik een behoorlijke gewichtsafname. We vervangen geen spullen om het gewicht, maar als ik iets moet vervangen omdat het stuk is, kijk ik wel naar het gewicht van de vervanger. We hebben dit jaar bijvoorbeeld een nieuwe tent en dat scheelt ongeveer 3kg met de oude tent. Zo is er aflopen 10 jaar ongeveer 10kg aan bagage afgegaan. Ik zit nu op 21kg bagage en Madeleine op 12kg. Madeleine kan zeker al toe met een veel lichtere fiets en ik volgens de spes ook.

Als ik bijvoorbeeld een Trek Checkpoint ALR5 (Als) of SL5 (Carbon) neem, mag het totaalgewicht van fiets + berijder + bagage maximaal 125kg zijn. De Checkpoint is zelf 10kg, ik ben 78kg, dus dan blijft er nog 37kg voor bagage over. Daar blijf ik ruim binnen, ook al tel ik het gewicht van de spullen die aan mijn lijf heb (1,2kg) en de accessoires die ik op mijn fiets heb (1,8kg) bij op.

Wij zijn in Frankrijk ook fietsers tegengekomen met veel meer bagagegewicht dan 21kg. Dan wordt het steeds verstandiger om naar de stevigheid van de fiets te kijken.

ArtikelMerkTypeWaarStuk (gr)AantalTot (gr)
FietsSantosTravelmaster 2.6Fiets17200117200
BidonRed Cycling Products Fiets852170
Bidon vulling  Fiets76021520
NavigatieGarminEdge ExploreFiets1311131
Totaal19021
Gewicht van mijn Santos tijdens tocht van 3 weken in 2021

10.4. Gewicht van de tassen

10.4.1. Verdeling van het gewicht

Om het gelijk een beetje lastiger te maken, is niet alleen het gewicht van de tassen, maar ook de verdeling van het gewicht en de locatie van de tassen van invloed op de rij-eigenschappen van je fiets.

Hoe lager het gewicht (zwaartepunt) aan je fiets hangt, hoe makkelijker je de bocht doorkomt. Hoe meer het gewicht in lijn is met je fiets, hoe stabieler het geheel zal zijn. Met andere woorden, zijtassen zorgen voor een zwabber effect.

Daarom zie je nu bagagedragers waarbij je de tassen lager kunt ophangen en fietsers die ervoor kiezen om liever met voortassen dan met achtertassen te rijden.

Als ik naar onderstaande tabellen kijk, zie ik dat het gewicht niet gelijkmatig is verdeeld over de tassen. Als ik het rijgedrag van de fiets wil verbeteren, kan ik kijken of een andere verdeling van het gewicht daarin kan bijdragen.

10.4.2. De rugzak

Ik vind het zelf helemaal niks, maar andere fietsers hebben een stuk minder moeite met de rugzak op de fiets. Ik krijg een warme en natte rug van zo’n ding, mijn schouders gaan zeer doen en als het een volle rugzak is, wordt staand fietsen ook niet makkelijker. Ik heb mijn bagage dus het liefst aan en op de fiets en niet aan mijn lijf. Misschien ben ik daar wat extreem in, maar ik vind een regenjasje in mijn achterzak van mijn koerstrui al vervelend.

10.4.3. De achtertassen

Als ik nu naar onderstaande paklijst kijk, zie ik dat er toch wel een aantal artikelen gedurende de vakantie is verhuisd. De 2 kussens zijn in een voortas terecht gekomen en de campingstekker is van de linker naar de rechter achtertas verkast. Voortschrijdend inzicht denk ik. Ik had wat ruimte over in mijn voortassen. Achteraf had ik die ruimte moeten gebruiken voor een puffer. Nu was 1 van de voortassen maar half gevuld, dus kon ik er wat extra spul vanuit de achtertassen instoppen.

ArtikelMerkTypeTasStuk (gr)AantalTot (gr)
AchtertasOrtliebBack Roller PlusLA4001400
CampingstekkerSoyangGP51-FLA1471147
MesVictorinoxTafelmesLA25250
MesGSI OutdoorsSantoku 6LA46146
LepelMSRTitaniumLA15230
VorkMSRTitaniumLA13226
TheelepelSeaToSummitKunststofLA6212
Spatel HoutLA29129
ZakmesLeathermanJuiceLA1181118
MokMepal LA682136
GlasMepalBasic 234LA502100
BordMepal LA1702340
KoekenpanGSI Outdoors8 inchLA3691369
Kookpan + handvat + hoesMSR LA4131413
Vaatdoekje  LA17117
GasbranderCampingGazTwister 270LA2211221
GasbranderPrimusEasy Fuel Duo Multi-mountLA4141414
GastankjeCampingGazCV470LA6251625
GastankjeCampingGazCV300LA2401240
Gastank driepootPrimus LA24124
Aansteker KleinLA12112
Knijpers + Waslijn  LA2051205
WasmiddelHemaTravelLA2231223
Busje kruiden  LA15115
Postelastieken  LA21121
AfwassponsjeHema LA12112
AfwasmiddelEco LA80180
Zakje voor afwasmiddel en sponsjeToppitsZipperLA818
Theedoek  LA1061106
Theedoek  LA88188
AfvalzakkenHemaRolletjeLA71171
OlijfolieAHBak & BraadLA1171117
OploskoffieNescafe LA1091109
KruidenPeper en Paprika LA14114
ToiletpapierAH Eco LA1191119
Naaisetje + tentstok reparatieMSR LA20120
TomatenketchupHeinz LA2701270
MayonaiseAHZaanseLA1781178
Thee  LA91191
OploskoffieNescafeIn plastic busLA90190
EHBO kit  LA6521652
Totaal6258
Inhoud en gewicht linker achtertas tijdens tocht van 3 weken in 2021
ArtikelMerkTypeTasStuk (gr)AantalTot (gr)
AchtertasOrtliebBack Roller PlusRA4001400
GereedschapstasOrtlieb RA1111111
Onderdelen zakje plasticRA818
MultitoolCrackbrothers RA1781178
Reserveband MarcSchwalbe 40/62-559 RA191 0
Reserveband MadeleineSchwalbe 28/47-622 RA1561156
Co2 pomp  RA25125
Co2 patroonTrivio25gramRA90190
Co2 patroon 16gramRA68168
Quick LinkKMC2 x 9 speedRA717
WaxSquirtChain LubeRA1021102
BandenknechtBBB RA1201120
Bandenlichters 3 stuksRA51151
Tie wraps 6 stuksRA717
Moertjes DiverseRA42142
Isolatietape  RA13113
Sleutel voor as MarcTranz X RA15115
Plakset  RA17117
Verloopnippels ventiel 3 stuksRA12112
RemblokjesMagura RA8216
AanpaalslotAxa RA4941494
Hoofdkussen MarcMammutSelf InflatingRA1401140
Hoofdkussen MarcXenosOpblaasbaarRA 10
ZitlapBever RA27127
StoeltjeAlite RA5851585
Picknick kleed Technisch katoenRA1911191
Powerbank + Snoer + HoesXtormGroot 15.000RA3801380
EurostekkerSKROSS1×220 + 2xUSBRA1321132
ToetsenbordLogitech RA3371337
Hoes toetsenbordOrtlieb RA55155
ErnergiedrankSiSGO ElectrolyteRA443132
ErnergiedrankSiSBeta FuelRA825410
SlippersOlaianMaat 43RA1861186
SandalenBirckenstockMaat 42RA4851485
Totaal4992
Inhoud en gewicht rechter achtertas tijdens tocht van 3 weken in 2021

10.4.4. De kanozak

Wij hebben heerlijk warme donzen slaapzakken van Tateljee. Ze zijn inmiddels 22 jaar oud en 2 jaar geleden daarom bijgevuld. Dat zorgde er echter voor dat ze niet meer lekker in de achtertas paste en ook niet meer in onze 9 liter kanozak. Dus nu heb ik een 13 liter kanozak met beide slaapzakken achterop liggen.

Ook hier was sprake van voortschrijdend inzicht. De beste plek voor de pompzak van de luchtbedden bleek toch bij de slaapzakken in de kanozak te zijn. Die vind je dus in een ander lijstje terug, maar zat na een dag of 2 al standaard in deze kanozak.

ArtikelMerkTypeTasStuk (gr)AantalTot (gr)
SpanbandjesBever TA21242
Slaapzak + InritslakenTateljeeMummy DonsTA165623312
Slaapzak kanozakOrtlieb13 literTA3651365
Totaal3719
Inhoud en gewicht kanozak tijdens tocht van 3 weken in 2021

10.4.5. De voortassen

Tubus lowrider

De voortassen hangen over het algemeen aan een zogenaamde lowrider. Op buitenlandse fietsen kom je nog wel eens een bagagedrager voorop de diets tegen. Dan hangen de tassen voor ons gevoel een beetje hoog en ligt er misschien een kanozak of een tent bovenop.

Het voordeel van de lowrider is – de naam geeft het al een beetje weg – dat het gewicht laag ligt. Daarmee beïnvloed je het rijgedrag van je fiets.

Je kunt discussiëren of je het meeste gewicht in je voor- of juist in je achtertassen wilt hebben. Ooit ben ik begonnen met de kookspullen in de voortassen. Dus daar zat toen relatief veel meer gewicht dan in de achtertassen. Omdat mijn toenmalige lowrider brak onder het gewicht, ben ik gaan schuiven met het gewicht. Mijn voortasjes zijn nu relatief licht. Ik kan ook niet zeggen dat ik ingeboet heb op wegligging of stabiliteit, nu ik meer gewicht naar achteren heb gebracht. Als je dit punt echter voorlegt aan een bikepacker, zal hij waarschijnlijk zeggen dat je het gewicht voorop moet hebben.

ArtikelMerkTypeTasStuk (gr)AantalTot (gr)
SlaapmatjeExpedSynmat UL 7 LWLV6391639
Sokken  LV343102
OnderbroekCraft LV403120
Korte FietsbroekCastelli LV1511151
T-shirt korte mouwAsics LV1211121
T-shirt korte mouwCrivit LV1171117
T-shirt korte mouwKarrimor LV1061106
T-shirt korte mouwCrivit LV1171117
T-shirt korte mouw  LV 10
T-shirt lange mouwOdloThermoshirtLV1261126
Summer sculCastelli LV14114
PetAsics LV53153
RegenjasGoreGoretexLV2931293
Waszak  LV 10
Douchezak  LV 10
Totaal1959
Inhoud en gewicht linker voortas tijdens tocht van 3 weken in 2021
ArtikelMerkTypeTasStuk (gr)AantalTot (gr)
VoortasOrliebFront Roller PlusRV3031303
Lange BroekMammutMaat 48RV2871287
ThermobroekOdlo RV1111111
ZwembroekSpeedo RV1191119
FleecevestMammut RV2751275
SoftshellMammut RV3931393
Riem  RV 10
KussensloopThermarest RV99199
HanddoekDecathlon RV1701170
HanddoekDecathlon RV1771177
Toilettas  RV16116
TandenborstelEtosInklapbaarRV25125
TandpastaElmexMiniRV40140
Doucheschuim/ShampooMarcel’s SoapMiniRV1151115
DeodorantDoveMiniRV40140
ScheermesGilletteMach 3RV35135
ScheerschuimNiveaMiniRV60160
ChamoiseAssosFilmbusjeRV25125
Anti-mugEtosCitriodiolRV50150
Anti-mugCare Plus40% DeetRV26126
Totaal2366
Inhoud en gewicht rechter voortas tijdens tocht van 3 weken in 2021

10.4.6. De stuurtas

In je stuurtas stop je over het algemeen al je belangrijke spullen als bankpas, telefoon en ID. Als je ergens stopt, haal je de stuurtas eraf en hoef je niet eerst al je tassen door om de spullen te verzamelen. Daarnaast heb je er wat spulletjes inzitten die je bij de hand wilt hebben tijdens het fietsen.

ArtikelMerkTypeTasStuk (gr)AantalTot (gr)
StuurtasOrtliebUltimate PlusTV5231523
PowerbankXtormKlein 6.000TV1691169
TelefooniPhoneXTV1761176
TelefoonhoesQuadlockXTV39139
Telefoon oplaadkabeliPhoneLightningTV18118
Voorlamp (tevens zaklamp)Lezyne800xlTV1501150
AchterlampRed Cycling ProductsK1209TV26126
Horloge oplaadkabelGarmin TV20120
Navigatie oplaadkabelGarmin TV17117
Pen  TV818
Rijbewijs  TV414
Zorgverzekeringsbewijs  TV414
Verzekeringsbewijs  TV515
Debit Card  TV515
Credit Card  TV515
Paspoort  TV37137
Vaccinatieboekje  TV23123
BrilNike TV26126
BrillenkokerPolaroid TV54154
ReserveglazenAdidas TV14228
Totaal1640
Inhoud en gewicht stuurtas tijdens tocht van 3 weken in 2021

10.4.7. Op en aan het lijf

ArtikelMerkTypeWaarStuk (gr)AantalTot (gr)
HorlogeGarminXT 730Lijf39139
FietsschoenenShimanoSH-CT500-S maat 43Lijf7421742
Sokken  Lijf34134
Korte FietsbroekCraft Lijf1411141
MTB BroekION Lijf 10
T-shirt korte mouwCraft Lijf1101110
Summer sculCastelli Lijf14114
HelmLazerMipsLijf 10
FietshandschoenenDotout Lijf39139
ZonnebrilAdidas Lijf32132
BrillenkoordChums Lijf11111
Totaal1162
Gewicht van kleding en accessoires die ik aanhad tijdens tocht van 3 weken in 2021

Bretagne en Normandië – Epiloog

Na een tocht van 3 weken is het altijd fijn om een beetje na te mijmeren. Onder het genot van een goed glas Cola Zero terugkijken op de vakantie. Wat was geweldig en waar hebben we ons verschrikkelijk aan geërgerd? Waar klopte de verwachting en waar was de realiteit toch iets minder fraai dan de beelden die we in gedachten hadden?

Buiten onze persoonlijke indrukken, heb ik ook geprobeerd naar de tocht te kijken vanuit een fietser die potentieel deze route zou willen rijden. En dan met name de wat meer beginnende fietser, daar ik aanneem dat de ervaren fietser zelf kan inschatten wat je kunt verwachten op de route.

Indruk van de route

In het algemeen was het een prima fietsroute. We hadden meer gravel en onverhard dan ik verwacht had. Voor mij is dat een zegen, maar Madeleine heeft een sterke emotionele band met asfalt. Het onverharde varieerde tussen prachtige fijne split fietspaden, grove scherpe losse stenen en zandpaden. Met name in het gedeelte van Kees Swart (Fietsen Rond het Kanaal) worden klimmetjes en afdaling over gravel niet geschuwd. Als je gravelt of mountainbiket is het niet bijzonder spannend, maar ben je minder ervaren met het wegslippen van wielen en je fiets rechthouden in mul zand, dan kan het een uitdaging zijn.

Het stuk Vélo Francette is te doen met een racefiets met 28mm bandjes. Het stuk V6, VD6, V2 en Fietsen Rond het Kanaal zeker niet. Wij hebben respectievelijk 47mm en 50mm brede antilek banden (Schwalbe Marathon Plus) en die hebben het prima gehouden. Ik zou niet graag met een paar dunne bandjes over de scherpe gravelpaden zijn gereden. Dikke noppen of sterk geprofileerde gravelbanden heb je niet nodig en zorgt alleen voor onnodige rolweerstand op het asfalt.

Wat je wel nodig hebt is een setje goede remmen. Als ik nu een nieuwe fiets zou moeten kopen, dan zou ik zeker voor schijfremmen kiezen. Onze fietsen hebben Magura hydraulische remblokken en die doen het ook uitstekend.

Met bijna 11.000 hoogtemeters is het niet een vlakke route. Daarnaast zitten er soms eng steile stukjes tussen van boven de 12% in. Dat betekent dat wat ervaring met klimmen en een redelijke conditie wel aan te raden is. Met name in het noorden van Normandië kan het zwaar fietsen zijn.

Er zitten, en dat is bijna niet te vermijden in een tocht van 1.400 kilometer, saaie stukken tussen. Met name de ‘Voie Verte’ in Bretagne tussen Mûr-de-Bretagne en Morlaix is een saai stuk. De Voie Vertes zorgen er echter ook weer voor dat het een stuk makkelijker fietsen is dan over de reguliere wegen.

De Fransen maken werk van het fietsen

Ook deden we de prettige constatering dat de afgelopen jaren de positie van de fietser aanzienlijk verbeterd is in Frankrijk. De lokale, regionale en landelijke overheden creëren nieuwe langeafstandsroutes over autoluwe en redelijk veilige wegen. In steden zie je steeds meer fietspaden verschijnen en automobilisten worden met bordjes erop gewezen dat ze de weg delen met de fietser. We hebben meerdere malen mogen ervaren dat een auto keurig achter ons bleef rijden, tot er een geschikt moment was om te passeren. Dat is een andere attitude dan de wild claxonnerende, uit zijn raampje hangende, Gauloises rokende, op zijn voorhoofd wijzende heethoofd die we van vroeger kennen.

Het is wel zo dat je als fietser vaak de paden deelt met wandelaars en ruiters. De laatste categorie zijn we niet veel tegengekomen, mar de eerste wel en die zijn niet altijd voorbereid op de mens met 2 wielen. Vrolijk ‘Bonjour’ roepen help negen van de tien keer wel.

Dan blijft het dilemma over van de fietsstoep. Soms maken de Fransen van een brede stoep een fiets/wandelpad. Op de hoeken van de straat geven ze dan een klap op de stoeprand, zodat je niet hoeft af te stappen. Netjes laten aflopen zodat je niet bij iedere kruising al je vullingen kwijt bent, is dan teveel gevraagd. Met als gevolg dat bijna alle fietsers de rijbaan verkiezen boven de fietsstoep. En dat leidt dan weer tot getoeter van automobilisten die vinden dat je gebruik moet maken van de speciaal voor jou gecreëerde fietsstoep.

Voor wie is deze route?

Ik vind het altijd een beetje lastig in te schatten voor wie een route geschikt is. De route die we gefietst hebben, zou ik niet direct aanraden aan iemand die voor het eerst op fietsvakantie gaat. Teveel steile klimmetjes en lastige off-road stukjes. Aan de andere kant, als je midden 30 bent en in top-conditie, dan zie ik geen enkele belemmering.

Een andere indicatie is misschien dat ik vrij vaak andere (vakantie)fietsers heb zien lopen, omdat de weg te steil was, of de ondergrond wel heel instabiel. Wij zijn beiden redelijke klimmers en komen ook op hellingen van boven de 10% – zei het hijgend – wel boven. Dat is deels conditie, maar ook deels ervaring. Ik beschouw onszelf niet als super talentvol. Als je nog nooit hellingen van meer dan 10% hebt gereden, zal de eerste zeker niet makkelijk zijn. Daarnaast gaan de hoogtemeters ook in de benen zitten. Het is een meerdaagse tocht, dus je lichaam moet kunnen herstellen van de inspanning van de vorige dagen. Onze tocht kende bijna 11.000 hoogtemeters. Dat is ongeveer 900 hoogtemeters op de 100km. Met een racefiets zonder bepakking is dat wellicht geen probleem, maar op een vakantiefiets met bepakking begint het een factor te worden.

We hebben vele bikepackers op de route gezien. Bikepackers hebben over het algemeen minder spullen en dus minder gewicht bij zich. En ondanks dat ik op fiets fora zie dat er anders over gedacht wordt, vind ik gewicht echt cruciaal. Zeker als het omhoog gaat. Wij hebben respectievelijk 21 en 12 kilo aan onze fietsen hangen. Onze fietsen zijn met 17 en 18 kilo zeker niet licht te noemen.

All deze overwegingen kunnen natuurlijk de prullenbak in als je op een elektrische fiets gaat zitten. Ook daar hebben we er vele van gezien en ook in vele variaties. Van herkenbare stads e-bikes met accu onder de bagagedrager, tot ‘spacy’ Duitse modellen met middenmotor en een in het frame geïntegreerde accu. De meeste waren MTB modellen met ondersteuning. Ik heb 1 E-Gravelbike gezien, maar dan weer zonder bepakking.

Als je een keert een meerdaagse tocht door Zuid-Limburg of vergelijkbaar terrein hebt gedaan en dat is je goed bevallen, dan kun je onze tocht ook aan. Dus zo moeilijk is het nou ook weer niet.

Navigatie

Altijd een van mijn favoriete onderwerpen. Waarschijnlijk omdat ik er zo slecht in ben. Ik heb geen richtingsgevoel en heb regelmatig meer oog voor de omgeving dan voor mijn Garmin. Toch hebben we niet veel fout gereden deze vakantie.

Dat komt misschien door het driedubbele navigatiesysteem. Madeleine had het papieren deel van dit systeem met routeboekjes. Veelal kaartjes van onvoldoende detailniveau, maar wel weer met nuttige tekstuele aanwijzingen. Ik had de 2 digitale delen met een Garmin en de route in Maps 3D met off-line detailkaarten en in Google maps. Ook had ik een backup voor mijn Garmin geregeld met Komoot.

Ik heb een haat-liefde verhouding met mijn Garmin Edge Explore. Het ding was met €219,- niet al te duur en heeft in principe alle functionaliteit die ik nodig heb, namelijk navigeren. Het scherm en de piepjes voor koerswijziging zijn duidelijk. De moeder van het probleem dat ik met deze Garmin heb, is de te kleine accu. Als ik de Garmin gebruik zonder energie besparende maatregelen, dan is het na een uur of 3 tot 4 wel gedaan met de accu. Voor dagritten heb ik dan een probleem. Gelukkig kent de Garmin energiebesparende mogelijkheden, maar die zorgen er voor dat mijn Garmin af en toe vast slaat. Soms krijg ik alleen even geen beeld meer en soms slaat het ding volledig vast, waardoor een reboot nodig is. In de energie bespaar stand red ik het wel om een dagrit te rijden zonder bij te laden.

Naast het energieprobleem is een overzicht krijgen van waar je bent, bijvoorbeeld als je fout gereden bent, niet echt makkelijk. Om een indruk te krijgen van mijn omgeving gebruik ik Maps 3D op mijn iPhone. Feitelijk een GPX viewer, waarin je kaarten off-line kunt opslaan, zodat je geen internet nodig hebt. Zelfs in een behoorlijk georganiseerd land als Frankrijk is 4G ontvangst niet overal een zekerheid. Als ik op zoek ga naar een supermarkt, camping of bezienswaardigheid, gebruik ik Google Maps. Via My Maps van Google kun je de route in Google Maps krijgen. Dat vergt wat kennis, want Google heeft deze functie een beetje verstopt.

Toen we bij Caen de Vélo Francette moesten volgen, bleek dat mijn GPX’en op de Garmin de verkeerde rijrichting hadden. Ik weet niet hoe ik dat op de Garmin moet omdraaien. Ik heb het nog geprobeerd door ze in Komoot om te draaien en de nieuwe GPX naar de Garmin te downloaden, maar dat werkte niet. Waarschijnlijk deed ik iets niet goed, maar op zo’n moment heb ik niet het geduld om dat uit te zoeken. Ik heb de ‘omgedraaide’ route in Komoot gebruikt en heb de rest van onze tocht met Komoot genavigeerd.

Na 3 dagen Komoot ben ik er wel achter dat qua navigatie dat beter is dan mijn Garmin. Mooier scherm, snellere respons en meer overzicht door meer detail en makkelijker in- en uitzoomen. Enige nadeel is dat de batterij van mijn iPhone nog harder leegloopt dan die van mijn Garmin. Dat valt op te lossen door een extra powerbank, maar dat is weer een hoop gewicht en je moet dan op elke overnachtingsplaats wel stroom hebben om je pokerbank weer op te laden. Energie besparen kan, maar dan valt je scherm uit. Dat scherm kan alleen maar weer open met een code of Face-ID en die Face-ID doet het niet als ik een zonnebril draag. Als je snel moet beslissen of je links- of rechtsaf moet en je moet eerst een 6-cijferige code invoeren, dan ben je altijd te laat.

Dat laat me dan achter met de twijfel of ik voor veel geld een hele goede Garmin (of Wahoo) moet kopen, of dat ik investeer in een powerbank en het gewicht en oplaad stress voor lief neem.

De mooiste

De mooiste rit was etappe 13 vanuit Vauville. Dat was ook direct de zwaarste etappe met 911 hoogtemeters in 62 kilometer. De saaiste rit was etappe 2, omdat we daar continue op een Voie Verte zonder uitzicht zaten. De mooiste foto die ik gemaakt heb, is een foto uit etappe 12.

Kust bij Vauville

De leukste camping was zeker Les Salines in Plurien. Schoon sanitair, goed plekje met gras en gezellig barretje met lokaal bier en prima café voedsel. We kregen ongevraagd een verlengsnoer om de stroom naar onze tent te brengen en er was een broodservice.

Ik kan geen keuze maken welke camping het slechtst was. Ook gezien de prijs, vinden we de 3 en 4 sterrencampings geen aanraders. Camping Municipals zijn prettig geprijsd en over het algemeen prima voor trekkers. Hou er in Frankrijk rekening mee dat faciliteiten voor trekkers meestal beperkt zijn. Picknick banken, slecht weer faciliteiten, koelkasten en specifieke trekkersveldjes zijn schaars.

We hebben 2 keer een hondendrol op onze plek mogen aantreffen. Kritiek op honden en hun eigenaren ligt gevoelig, maar we zagen regelmatig honden uitgelaten worden óp de camping.

De meest indrukwekkende bezienswaardigheid was voor ons Pointe du Hoc. De Amerikaanse begraafplaats en Utah Beach waren ook indrukwekkend, maar vooral de kraters van de granaatinslagen bovenop Pointe du Hoc maakten een diepe indruk op ons.

Statistieken

We hebben 1.434 kilometer afgelegd in 19 etappes/fietsdagen. Daarbij hebben we 10.844 hoogtemeters overwonnen. De langste etappe was 119,3 kilometer en de kortste 42,3 kilometer. De etappe met het meeste hoogteverschil had 911 hoogtemeters en de etappe met het minste hoogteverschil had 208 hoogtemeters. We hebben 811 nieuwe tegels en 7 Franse departementen geraakt. Daarin hebben we 1 keer een lekke band gehad.

De goedkoopste camping kostte ons €5,50 (echt waar!) en de duurste €35,92. We hebben 2 keer boodschappen gedaan bij de Leclerc, 9 keer bij de Carrefour, 1 keer bij de Super U en 1 keer bij de Casino. We hebben 7 dagen met regen gehad, waarbij moet worden aangetekend dat het maar 1 keer echt geregend heeft. Voor de rest waren het vieze miezerbuien.

Leermomenten

Aantal kilometers

Het was de eerste rit van meer dan 2 weken sinds 2015 en dus was het weer even wennen. De belangrijkste constatering is dat we de dagafstand te strak hebben gezet. We zijn uitgegaan van etappes van ongeveer 70km. Op zich is dat fysiek niet een probleem, maar als je af en toe ook nog wat wilt zien en bezichtigen, dan is het voor ons wat veel. Soms zitten er meerdere bezienswaardigheden in een klein aantal kilometers. Dan heb je ineens een korte etappe. Dus moeten we de dagafstand naar beneden brengen, of een aantal ‘sprokkeldagen’ inplannen. We hebben ook wel eens behoefte om lekker vroeg op de camping te zijn om een boek te lezen (Madeleine) of om te luieren (Marc).

Daarnaast is het terrein mede bepalend voor het aantal kilometers dat je kunt maken. Het maakt nogal wat uit of je een vlakke weg hebt, of een die op en neer gaat. En vergis je ook niet in de extra energie die onverhard fietsen kost.

Onderhoud

In de blog heb ik het er al uitgebreid over gehad, maar een beetje preventief onderhoud kan geen kwaad. Op aandringen van Madeleine heb ik 2 nieuwe buitenbanden om mijn Santos gegooid, maar ik heb de binnenbanden niet vervangen. Bij de binnenband om het voorwiel scheurde het ventiel er volledig uit en bij de binnenband om het achterwiel kon je het ventiel niet meer opendraaien, zonder de kern (core) mee te draaien. Dat laatste kan ook een effect zijn geweest van het zoute water.

Preventief je binnenband na 11 jaar vervangen is een goed idee

Ik was ook zo verstandig geweest om geen handpomp mee te nemen. Ik had een Co2 pomp met 2 patronen bij me. Toen ik een patroon had gebruikt om een medefietser te helpen en ik een lekke band kreeg, leek de voorraad Co2 ineens niet meer zo ruim als dat ik dacht. Op de route zijn we weinig fietsenzaken tegengekomen. Maar in een beetje plaats van formaat zit er een Decathlon. Dus daar heb ik naast een nieuwe binnenband en een Co2 patroon, ook maar een handpompje gekocht.

Vooraf twijfelde ik of ik mijn oude, bijna lege, flesje met wax mee moest nemen, of toch mijn nieuwe volle flesje. Qua gewicht was het aantrekkelijk het oude flesje mee te nemen, maar ik heb ergen in een helder moment bedacht dat het beter was het nieuwe mee te nemen. Door het vele gravel in de route en het zoute water, kon ik om de andere dag de ketting smeren. Daarbij denk ik dat wax minder lang zijn werk doet dan olie.

Slapen

Goed slapen is voor ons belangrijk. Een redelijk bed daardoor ook. We hebben nu 7 cm dikke luchtbedjes. Dat is al veel beter dan de 2,5 cm dikke selfinflaters van daarvoor, maar aangezien we nu toch een nieuw matje moeten kopen, zal het een 10cm dik matje worden.

Inmiddels zijn er 2 naden gesprongen
Winkels

Vertrouw niet op kaarten, routeboekjes of Google maps als het om winkels aankomt. We zijn 2 keer langs een winkel gereden met het idee dat er verderop nog wel een winkel was. Als dan blijkt dat je ‘intel’ niet in orde is, heb je ineens geen eten meer. We hadden dan wel weer wat noodrantsoen in de vorm van energierepen en bananen bij ons.

Eten

Na een dag of wat was onze verbranding aardig op peil gekomen en hadden we meer nodig dan dan we met ontbijt, lunch en avondeten bij elkaar konden sprokkelen. We hebben 2 keer tegen een hongerklop aangezeten. Dat hebben we opgelost door een extra stop met banaan, crêpe of toetje (Danone vanillevla). Wat we anders altijd deden en wat we dit jaar eigenlijk niet gedaan hebben is ‘snoepen’. Met name de ‘middagborrel’ met chips, noten en harde worst is achterwege gebleven. We zijn beiden wel wat gewicht kwijtgeraakt, maar dat is voor ons niet zo erg.

Lekker en vers, maar winkels zijn wel eens schaars
Kleding

Ik had niet helemaal de juiste kleding bij me. Het was mede door de wind vrij fris. Ik heb een flinterdunne (want licht) lange broek, maar die houdt me niet warm. Gelukkig had ik die ervaring al opgedaan bij het bikepacken en dus had ik een thermobroek meegenomen. Met thermoshirt, fleece trui en (dunne) Softshell heb ik het de meeste dagen en avonden warm kunnen houden. Vooraf twijfelde ik of ik mijn donzen puffer had moeten meenemen. Dat heb ik uiteindelijk niet gedaan en daar had ik wel spijt van. De zwembroek was uiteindelijk overbodig, maar dat weet je nooit van te voren.

Schade

Elke vakantie gaat er wel wat stuk. Zo ook deze vakantie. Het vervelendste en duurste was mijn Exped Synmat UL 7 LW matje. Eigen schuld zijn 2 verroeste kettingen doordat ik zonodig over een getijdeweg meestrijden terwijl het geen eb was. Daarnaast heb ik mijn spiegeltje (rule #66) verloren door mijn fiets om te laten vallen. Ik ben een keer op een haring gestaan en die is nu onherstelbaar krom. De bidon waar ik altijd isotone drank in doe, is beschimmeld van binnen en dus aangeboden aan het recycleperron.

Wat zout water met je ketting doet

Losse vragen

Kanozak achterop

Een lezer vroeg zich af waarom mijn kanozak in de lengterichting op mijn bagagedrager ligt en niet – zoals gebruikelijk – dwars op mijn achtertassen. De vraagsteller vroeg zich af of het met aerodynamica te maken had. Op zich geen gekke gedachte, maar de echte reden is dat ik op deze manier mijn achtertassen open kan maken en er zelfs vanaf halen, zonder mijn kanozak te verwijderen. Tip: Ook kun je op deze manier de spanbandjes door de hengsels van de tassen voeren, zodat de tassen er niet zomaar af te jatten zijn.

De kanozak in de rijrichting
Reserveren

Een andere vraag, die we ook zelf hadden, was of we campings en hotels moesten reserveren. In Augustus is aan de Franse kust een hotel boeken op de dag van aankomst een hele uitdaging. Madeleine heeft het meermalen geprobeerd, maar altijd was het antwoord ‘complet’. Het woord ‘complet’ hebben we 1 keer bij een camping mogen ontvangen. Ook ‘complet’ voor zielige fietsers met een klein tentje. Het probleem aan de kust is dan weer niet zo groot, want de campingdichtheid is best hoog. Dus het reserveren van campings was niet nodig, het reserveren van hotels of Gîtes zeker wel.

Corona maatregelen

Frankrijk stond op rood in het Corona overzicht. Het heeft ons niet weerhouden. Je wordt bij bijna alle horeca gelegenheden naar je ‘pass sanitaire’ gevraagd en mondkapje zijn binnen verplicht en ook op sommige drukke punten buiten, zoals winkelstraten en toeristische trekpleisters. Op campings moet je officieel een mondkapje op in het toiletgebouw, maar niemand doet dat. Als een camping horeca heeft en/of een zwembad, zijn ze verplicht naar de ‘pass sanitaire’ te vragen. Sommigen doen dat ook. De doorreis door België en Frankrijk was geen enkel probleem. We zijn nergens aangehouden bij de grens. In de trein gelden dezelfde regels als bij ons.

Bretagne en Normandië – Etappe 19 (Flers – Laval [120km])

Vannacht om 2:15 uur zag de wereld er niet zo rooskleurig uit. Een tweede naad in mijn luchtbed was net gesprongen, waardoor nu 3 luchtkamers met elkaar verenigd waren tot een soort van zeppelin sofa. Tot overmaat van ramp snurkte onze aardige Franse buurman vrij luid.

Een in allerijl verzonnen constructie met een opblaaskussen en een fietsbroek, bood uitkomst voor de instabiele ligging die ik op mijn luchtbedje had. Madeleine stond net op het punt om op te zoeken wat ‘snurken’ was in het Frans, om onze Franse fietsvriend te vragen ermee op te houden, toen hij er vanzelf mee stopte. Mede daardoor hebben we toch nog redelijk kunnen slapen.

Vanochtend moet de koudste ochtend van deze vakantie zijn geweest. De enige reden dat we een korte broek droegen, was dat we geen lange fietsbroek bij ons hadden. Naast een T-shirt hadden we beiden nog een fleece en een windstopper aan. Op weg naar de bakker bedacht ik me dat handschoenen echt niet gek hadden gestaan.

Bij de bakker kwam ik onze andere Franse buurman nog tegen. De in overhemd fietsende buurman die zijn retro MBK stond af te spuiten twintig centimeter bij onze waslijn vandaan. Dat Madeleine heel opzichtig haar fietsbroek ging ‘redden’ zette hem niet aan tot anders handelen.

Ook de ‘schoonspuiter’ was volledig ingepakt, inclusief regenjack, hoewel regen niet te verwachten viel. Het was gewoon fris. Hij keek me nog een keer wat teleurgesteld aan. Teleurgesteld, omdat ik te weinig aandacht had gehad voor zijn prachtige retro fiets, die glom alsof Ronald hem net gepoetst had en waar het ‘retro’ tot in de puntjes was doorgevoerd. Zelfs het bagagerekje was in jaren 60 stijl. En hij had nog wel zo zijn best gedaan gisteravond. Paraderend als een 50 plusser met zijn tweede leg van 35 aan zijn hand, liep hij daar met zijn glimmende MBK. Ik loop nooit met mijn fiets van mijn kampeerplek naar het toiletgebouw en terug. En als ik een praatje ga maken met de buurman, neem ik mijn fiets ook niet mee. Onze ‘retrospuiter’ wel.

Nou moet ik ook zeggen dat een praatje maken niet meevalt in het Frans. En Engels is hier nog niet velen gegeven. Maar goed, ons Frans is ook onvoldoende om eens gezellig een conversatie te beginnen over waar bijvoorbeeld al dat Europese geld in Frankrijk blijft. Dat is dan toch het verschil met Engeland, waar ik tot twee keer toe een heel aardige discussie over de Brexit had.

Dan maar fietsen. We zaten wat van de route af en Komoot was de navigatie van dienst, daar vriend Garmin de route niet omgedraaid kreeg en ons steeds terug wilde sturen. Onze navigatie blijkt een beetje komootonoom te zijn en bedenkt zelf wel hoe je terug komt op het juiste pad. We hadden het idee om nog even te stoppen bij de lokale Intermarché, maar daar stak onze Duitse TomTom een stokje voor. Voor de rest werkt Komoot een stuk beter dan mijn Garmin. Alleen jammer dat mijn iPhone na een paar uur wel echt leeg is.

Al snel werden we de eerste Voie Verte van de dag opgestuurd. Nu geeft de term ‘Voie Verte’ bij ons niet direct een positieve inslag, maar deze was zeer goed te pruimen. Met voldoende zicht en een redelijke ondergrond. Het opkomende zonnetje hielp daar ook wel bij. Inmiddels had de windstopper zijn weg naar de fietstas gevonden en was het wachten op een goed moment om ook de fleece vaarwel te zeggen.

Brug op de Voie Verte

Het idee vanochtend was om naar Mayenne te fietsen. Gezien de staat van mijn luchtbed, zouden we daar dan op zoek naar een trekkershut of hotel. Reserveren van de een of de ander was (on)bewust uitgesteld, omdat ook het einddoel lonkte. De etappe naar Mayenne was ongeveer 68 kilometer. Als we er nog eens 36 bij optelde, zaten we in Laval. Aantrekkelijk, maar wel een etappe van over de 100 kilometer.

Ecluse bij Torchamp

Een van de nadelen van een Voie Verte is dat je nooit een dorpje ziet en dientengevolge ook geen koffiestop. Dus kozen we even voorbij Domfront het alternatief via Torchamp en St-Fraimbault. Een goede keus, zo bleek. Niet alleen was de route een welkome afwisseling op het gravelpad, maar we kwamen direct een aantal schattige dorpjes en gehuchtjes tegen. In St-Fraimbault zat ook nog een prima koffiestop.

De Vélo Francette bevalt ons goed. We waren een beetje bang dat het een saaie route zou zijn en dat onze tocht als een nachtkaars uit zou gaan, maar het tegendeel is waar. Het is hier leuk en afwisselend fietsen. Nooit écht moeilijk, maar helemaal vlak is het ook niet. De route is ook nog niet zo oud. Op sommige plaatsen moeten er nog paaltjes de grond in en soms moeten de spoorrails nog naar de oud ijzer handel gebracht worden.

Het spoor ligt er soms nog

De Vélo Francette bewijst dat je leuk kan fietsen zonder dat het zweet je van het voorhoofd gutst en je toch een buitenland gevoel kunt hebben. We zijn flink wat rotspartijen tegengekomen en zelfs een waar alpinisten een poging waagden de absolute top te bereiken.

Echte rotsen
Waar klimmers tegenaan klimmen

Eigenlijk wisten we het beiden al. Mayenne zou niet het einddoel worden vandaag. Tot aan Mayenne ging het van een leien dakje en dus werd het trekkershutten verhaal overboord gekieperd en werd er gezocht naar een ravitailleringsmogelijkheid voor een banaan, cola en een vanille toetje. Deze vonden we aan de Rue de la Madeleine, hoe kon het ook anders.

Geen bijschrift nodig
Ecluse aan de Mayenne

De kilometers tussen Mayenne en Laval begeven zich naast de rivier de Mayenne. Daarmee dus gegarandeerd vlak. Wel werden we veelvuldig geconfronteerd met een diepgewortelde frustratie; de écluse. Echter waren ze in de Mayenne minder erg dan in het Canal du Boulonge en kronkelt de Mayenne natuurlijk meer dan een kanaal. Aangezien we toch ergens tussen de 70 en 100 kilometer zaten, waren we niet ontevreden met de vlakke ondergrond. De kilometers vlogen aan ons voorbij en weldra hadden we het eindpunt van onze reis bereikt; Laval.

Laval
Eindpunt van een mooie tocht

Eigenlijk schreeuwden hart, lijf en ziel om een feestelijk drankje, maar de bezorgdheid om de staat van de auto won het toch van de gewenste festiviteiten. Onze Ford stond al 3 weken op een Parc et Relais ergens in een buitenwijk van Laval. Met de opdracht ‘Rue de Einstein’ had ik mijn Google route ingesteld en met 13 minuten zouden we bij de overblijfselen van onze auto zijn.

Je bedenkt het niet, maar het is toch echt zo. Er zij 2 ‘Rue de Einstein’ in Laval. Nadat Madeleine haar collegae bij de lokale straatnamencommissie had vervloekt, moesten we nog eens 19 minuten naar de juiste ‘Rue de Einstein’. Een behoorlijke goedmaker was dat we de auto in nieuwstaat terugvonden. Geen ingetikte ruitjes, geen graffiti op de motorkap en bovenal, hij stond er gewoon nog.

Laval by night

De avond hebben we mooi afgesloten in een leuk Laval. Een leuke Italiaan mocht ons voorzien van prima pizza en een sober maar prima hotel van – eindelijk – een goed bed. Het is een heerlijke tocht geweest, maar thuis lonkt.